1. Algemene bepalingen
De kwaliteitsdirecteur valt onder de categorie van senior management en wordt benoemd door de algemeen directeur. In zijn werkzaamheden houdt hij zich aan de wetgeving, ISO-normen, interne richtlijnen van het bedrijf en deze functieomschrijving. Het belangrijkste doel van de functie is het opzetten, implementeren en ontwikkelen van een kwaliteitsmanagementsysteem, het waarborgen van de conformiteit van producten, diensten en processen aan de vastgestelde eisen, het verhogen van de klanttevredenheid en de effectiviteit van bedrijfsprocessen.
De kwaliteitsdirecteur rapporteert rechtstreeks aan de algemeen directeur en maakt deel uit van het managementteam van het bedrijf. Onder zijn leiding vallen de kwaliteitsafdeling, het laboratorium, certificeringsspecialisten, interne auditors en controleurs van productieafdelingen. Tijdens de afwezigheid van de kwaliteitsdirecteur worden zijn taken uitgevoerd door de aangewezen plaatsvervanger.
2. Kwalificatie-eisen
Voor de functie van kwaliteitsdirecteur wordt een persoon aangesteld met een hogere technische of managementopleiding en minimaal 5 jaar ervaring in kwaliteitsmanagement, waarvan minimaal 3 jaar in leidinggevende functies. Diepgaande kennis van de ISO 9001, ISO 22000, ISO 14001, BRC, HACCP-normen, risicomanagementprincipes en een procesmatige benadering is vereist. De kwaliteitsdirecteur moet bekend zijn met moderne methoden voor data-analyse, statistische controle, en methodologieën zoals Lean, Six Sigma, 5S, FMEA. Leiderschapsvaardigheden, onderhandelingsvaardigheden en ervaring in het ontwikkelen en implementeren van beleid en procedures zijn noodzakelijk. Beheersing van de Engelse taal en ervaring met ERP-systemen zijn een pluspunt.
3. Functie-eisen
3.1. Ontwikkelen, implementeren en actueel houden van het kwaliteitsmanagementsysteem (KMS) in overeenstemming met de bedrijfsstrategie en internationale normen.
3.2. Beleid op het gebied van kwaliteit formuleren en de uitvoering ervan op alle niveaus van de organisatie waarborgen.
3.3. Organiseren en uitvoeren van interne audits van processen, analyseren van afwijkingen en ontwikkelen van corrigerende maatregelen.
3.4. Coördineren van certificerings- en inspectieprocessen, en samenwerken met externe auditors en certificeringsinstanties.
3.5. Ontwikkelen van normen, instructies, reglementen en procedures die van invloed zijn op de kwaliteit van producten en diensten.
3.6. Leidinggeven aan activiteiten op het gebied van risicomanagement, klantklachten en afwijkingen.
3.7. Zorgen voor tijdige onderzoeken naar de oorzaken van defecten, gebreken en klachten.
3.8. Organiseren van training voor medewerkers over kwaliteitsprincipes en een cultuur van continue verbetering.
3.9. Toezicht houden op de juiste registratie, documentatie en rapportage van het KMS.
3.10. Digitale monitoring- en analysetools voor kwaliteitsindicatoren implementeren.
4. Rechten
4.1. Informatie opvragen van alle afdelingen die nodig is voor de beoordeling van de kwaliteitsstatus.
4.2. De productie, levering of verkoop van producten die niet voldoen aan de normen of contracten opschorten.
4.3. Voorstellen doen voor wijzigingen in technologische processen als deze van invloed zijn op de kwaliteitsindicatoren.
4.4. De belangen van het bedrijf vertegenwoordigen bij interactie met externe auditors, klanten en overheidsinstanties.
4.5. Van medewerkers eisen dat zij zich houden aan de goedgekeurde normen, instructies en procedures.
4.6. Deelnemen aan strategische vergaderingen en voorstellen doen ter verbetering van de proces efficiëntie en kostenreductie.
5. Functies en taken
5.1. Vormgeven en ontwikkelen van het kwaliteitsmanagementsysteem, geïntegreerd in het algemene managementsysteem van de onderneming.
5.2. Waarborgen dat de activiteiten van het bedrijf voldoen aan de eisen van ISO- en BRC-certificeringen.
5.3. Verhogen van de klanttevredenheid door stabiele kwaliteit van producten en diensten.
5.4. Zorgen voor uniforme benaderingen voor controle, analyse en verbetering van processen.
5.5. Verminderen van het niveau van defecten en verliezen, verhogen van productiviteit en efficiëntie.
5.6. Organiseren van een systeem voor gegevensverzameling, KPI-analyse en het opstellen van managementrapportages.
5.7. Ontwikkelen van een kwaliteitscultuur op alle niveaus van de organisatie en medewerkers betrekken bij het verbeterproces.
5.8. Interactie met leveranciers en aannemers op het gebied van kwaliteitsbeoordeling en audits.
6. Relaties binnen de functie
De kwaliteitsdirecteur heeft interactie met:
— de algemeen directeur — over strategie, prioriteiten en rapportage;
— de productieleider — over controle van technologische processen en vermindering van defecten;
— de inkoopafdeling — over beoordeling en audit van leveranciers;
— de verkoop- en klantenserviceafdeling — over het beheer van klachten;
— de financiële afdeling — over kostenanalyse van kwaliteit en economische effecten van verbeteringen;
— de HR-afdeling — over training van personeel in kwaliteitsnormen;
— de IT-afdeling — over de implementatie van digitale monitoring- en rapportagetools.
7. Verantwoordelijkheid
7.1. Voor de niet-conformiteit van producten, diensten of processen aan de vastgestelde eisen.
7.2. Voor het niet tijdig of niet kwalitatief uitvoeren van taken op het gebied van controle en audit.
7.3. Voor inefficiënt gebruik van middelen die zijn toegewezen voor kwaliteitsborging.
7.4. Voor het niet naleven van het privacybeleid en het verstrekken van onjuiste gegevens in rapportages.
7.5. Voor het niet naleven van de eisen op het gebied van arbeidsveiligheid, milieu en veiligheid binnen zijn/haar competentie.
7.6. Voor acties of beslissingen die hebben geleid tot reputatieschade voor het bedrijf of klantverliezen.
7.7. Voor het niet naleven van interne normen van het bedrijf en internationale certificeringseisen.